Google+ Google+ Bondtehond bij het liquidatieproces: 04/14 Google+

woensdag 23 april 2014

Nu in Panorama: 'Gangsterstel in Oorlog'

Deze week in weekblad Panorama een interessant cover-verhaal over Gwan Ong, aka 'De Chinees', toenmalig bodyguard van Klaas Bruinsma, en de vermeende vermissing van diens vrouw Pascale Stoelie in oktober 2013. Pascale Stoeltie is de zus van de beruchte voormalig vice-president van de Hells Angels Harry Stoeltie. Het artikel is ontstaan uit een samenwerkingverband tussen  'De misdaadjournalist'  Hendrik Jan Korterink en mezelf.

'Bonje bij boeven'

Eind oktober vorig jaar verschenen er berichten op de politie-site en in navolging daarvan in enkele kranten en op diverse nieuws- en misdaadsites over de vermissing van Pascale Stoeltie. Over de huwelijkscrisis die daar aan ten grondslag ligt leest u deze week meer in Panorama. Normaalgesproken zou alleen zo'n huwelijkscrisis niet echt interessant zijn voor Panorama-lezers, ware het niet dat de hoofdpersonen beide tot de verbeelding sprekende personen zijn uit het milieu waar reeds veel over is gespeculeerd op de diverse misdaadsites. Niet in de minste plaats vanwege Pascale's afkomst en Gwan's roerige criminele verleden uit de tijd van Klaas Bruinsma. Tijd om sommige van die speculaties te ontrafelen.


Eind november/begin december zocht ik Gwan Ong tweemaal op bij hem thuis in de buurt van Purmerend. Daar vertelde hij zijn kant van het verhaal. Niet bij iedereen zal de naam Gwan Ong meteen een belletje doen rinkelen, maar insiders uit het milieu weten wel beter. Gwan staat vooral bekend als oud-bodyguard van maffiabaas Klaas Bruinsma en kreeg de laatste jaren wat meer landelijke bekendheid vanwege een spectaculair en spraakmakend filmpje in het tv-programma 'Blik op de weg' waarbij de gangster z'n Porsche GTS3 na een wilde achtervolging in puin reed tegen de vangrail. Gwan's vermeende betrokkenheid bij de granaataanslag in Café Familia door Rick Holshuijsen, die daarna werd doodgeschoten, komt ook even aan de orde in het verhaal: 'Gangsterstel in oorlog'.




Ook vond er een ontmoeting plaats in Amsterdam waarbij Korterink en ik Pascale Stoeltie spraken, die samen met een vriend haar kant van het verhaal kwamen vertellen. Zij vertelde hoe volgens haar de vork in de steel zit, maar ze weigerde verdere medewerking aan dit artikel. Van beide hoofdpersonen staan een aantal exclusieve foto's in Panorama. Nooit eerder kwam Gwan Ong met zijn gezicht in de media. Op zich al wonderlijk te noemen, daar is wel enige moeite voor gedaan afgelopen twee decennia, en dan druk ik het netjes uit, maar voor dit Panorama-verhaal stelde Gwan toch enkele foto's aan mij ter beschikking.

Geurt Roos, die andere voormalige bodyguard van Klaas Bruisma, die wel wat meer landelijke bekendheid geniet, sprak ik in februari overigens aan over Gwan tijdens het liquidatieproces Passage in het JCS, waar hij kwam getuigen. Ik vertelde Roos bezig te zijn met een verhaal over Gwan Ong, waarna hij beaamde dat Gwan en hij vroeger goede collega's waren. Roos: 'Ik mocht die Chinees wel !'... Gwan zit momenteel een straf uit in de Koepel van Haarlem. Wie, wat, waar, welke, hoe en waarom leest u verder in het artikel.

Halen dus die Panorama!


Bondtehond

woensdag 16 april 2014

'Dat is er echt één die uit de serie komt van Bassie en Adriaan'

Het getuigenverhoor van getuige Johannes Cornelis 'Harry' W. in de Bunker duurde bij elkaar niet zo lang als de eerdere verhoren, een uitloopdag is niet nodig. Het verhoor vond op deze andere locatie plaats omdat het TGB dat had verzocht. Technische voorzieningen die wel in de Bunker zouden zijn en niet in het JCS waren de reden voor dat verzoek. Er staan nog meer getuigen-verhoren op de rol, zoals die van Peter La Serpe, F1 en F2, welke ook in een extra beveiligde omgeving dienen plaats te vinden of in een omgeving die de anonimiteit waarborgen, maar vooralsnog wil het Hof die verhoren gewoon in het JCS plaats laten vinden.

Henk Rommy - Jesse Remmers - Moppie Rasnabe - Gilbert Rommy

Harry W. heeft in het liquidatieproces Passage in eerste aanleg 5 keer op zitting getuigd. Hij is via een andere zaak in beeld gekomen als iemand die zegt wetenschap te dragen over liquidaties, met name de '93-zaken in Passage. Hij werd verdacht van het beschieten van een huis aan de Groenlandsekade in Vinkeveen op 25 januari 1995. Het huis behoorde toe aan Henk de Vries, de eigenaar van coffeeshopketen 'The Bull Dog' in Amsterdam. Toen Harry W. in januari 2011 aanvankelijk werd opgehaald thuis om te worden gehoord over de smokkel van 4050 kilo coke met zeesleper 'Otton', de zaak waarin Marco Proper en Thom Bergsma hoofdverdachten zijn, kwam deze raketbeschieting ook aan de orde. Hij beriep zich toen op zijn zwijgrecht. De zaak is niet geseponeerd, bleek op navraag van de voorzitter. 'Mogelijk wil de politie W. daar nog eens over horen', aldus advocaat-generaal Mr. Frits Posthumus.

Toen er tijdens het 2e of 3e verhoor ook vragen over levensdelicten werden gesteld, zou Harry W. uit zichzelf zijn begonnen over Henk Rommy. Over hem wist Harry W. wel een en ander te vertellen, maar hij gaf aan dat het gevaarlijk was om over mensen in het milieu te praten. De politie vroeg toen door, kwam uit op Moppie Rasnabe in Passage en uit zichzelf begon W. toen ondanks zijn angst toch te praten over de '93-liquidaties en mensen die voor Henk Rommy zouden werken. Die liquidatiezaken zouden hem dwars hebben gezeten naarmate hij ouder werd, beweert Harry W. en hij vond dat moment het geschikte moment 'daar wat aan te doen'. Hij zei daarover eerder op zitting: "Weet je, mijn geweten speelt ook een rol. Mensen doodschieten is natuurlijk uit den boze. Daarom heb ik besloten toch te getuigen."

In eerdere verhoren, o.a. op 20 oktober 2011, op 24 oktober 2011 en op 17 februari 2012 is dit allemaal uitgebreid aan de orde gekomen.

De bedoeling van het Hof was niet om alle vragen die in eerste aanleg zijn gesteld opnieuw te behandelen. Daar was het Hof op momenten duidelijk in tegen de aanwezige raadslieden van Jesse Remmers, Moppie Rasnabe, Alex de B., Freek S. en Siegfried Saez. Overigens ook niet mijn bedoeling. Wel werden er ambtshalve opnieuw vragen gesteld over de gang van zaken rondom het tot stand komen van het optreden van Harry W. als getuige in het liquidatieproces Passage. Bijvoorbeeld of Harry W., op het moment dat hij begon te verklaren over de Passage-zaken, wist dat er een groot proces speelde, gingen diverse vragen over. De verdediging is ervan overtuigd dat Harry W. moet hebben geweten dat er een groot proces bezig was, zo niet het grootste strafrechtproces ooit, naar Nederlandse maatstaven. Het vorige 'proces van de eeuw', het Holleeder-proces, is al ruimschoots overtroffen kwa grootte, het aantal verdachten en de enorme tijdsduur van vele jaren. Het lijkt de raadslieden onmogelijk dat Harry W. daar niets van mee heeft gekregen als hij wel eens op Crimesite heeft gekeken en/of gegoogleld heeft op oude bekenden uit het milieu waar W. vroeger in verkeerde. Zijn ontkenning ook maar iets van dit proces te hebben meegekregen wordt dan ook met een flinke korrel zout genomen. Anders gezegd: De advocaten geloven er niets van.

Opvallend is in ieder geval wel dat Harry W. weinig verklaart dat al niet eens op internet heeft gestaan, onder meer op Crimesite, waar ik voor 2010 tweede redacteur was en waar in de eerste jaren van Passage reeds verslagen publiceerde. De vraag door Mr. Fébe Schoolderman, de voor Mrs. Jan Hein Kuijpers en Mark Nillesen invallende advocaat, of Harry W. de site 'Bondtehond' kent, werd al meteen ontkennend door hem beantwoord. 'Nee, ik vind Crimesite al erg genoeg', aldus W. (Waarmee hij min of meer impliceerde toch wel het verschil te kennen.) Dat gegeven is opmerkelijk in combinatie met de overtuiging van de verdediging dat W. er een belang bij had om mensen aan te wijzen die reeds verdacht zijn in Passage, zoals drugsbaron Henk Rommy als mogelijke opdrachtgever en Jesse Remmers, Moppie Ranabe en Siegfried 'Oompje' Saez als vermeende uitvoerders van Rommy. In een gesprek met Mr. Sander de Haas, zo memoreerde Mr. Stijn Franken, gaf De Haas aan dat W. wel een en ander in de media zou hebben gevolgd. 'Dus dat klopt niet, wat de officier zegt?', vroeg Franken. 'Nou ik denk dat hij zich vergist', antwoordde de getuige.

Dat wil er bij de raadslieden dus niet in. Het belang is volgens de verdediging simpel: Harry W. werd aangehouden en in de gesprekken met de politie liet hij doorschemeren wel over dingen te kunnen verklaren die hij wist, maar alleen op voorwaarde dat hij dan niet in voorlopige hechtenis zou worden genomen voor die raketaanslag. Als reden noemde Harry W.: omdat hij afhankelijk is van een uitkering waarvan hij zijn gezin moet onderhouden en die zou hij dan mogelijk kwijt kunnen raken. Hoe het ook zij, er was een belang. Er stond dus iets tegenover het verklaren over de Passage-verdachten, aldus de verdediging reeds in eerste aanleg. Die mogelijkheid kwam dus ook wel weer terug in de vragen van maandag.

Wat ook opmerkelijk was maandag: De heer Greg Remmers, de vader van Jesse Remmers, was naar de zitting gekomen en zat samen met twee jonge dochters van hem op de voorste rij vlak achter me op de publieke tribune. Er werd even gezwaaid en gelachen naar Jesse voor de zitting begon en tijdens het verhoor werd er goed door hem door geluisterd naar hetgeen Harry W. allemaal te vertellen had. Dat deed Harry W. vanuit de vertrouwde gepantserde getuigencabine links vooraan in de Bunker-rechtszaal, waar hij naast z'n advocaat zat. In het proces in eerste aanleg, waarschijnlijk op een moment dat de heer Greg Remmers zelf nog gedetineerd zat in PI Dordrecht, heeft Harry W. verteld dat hij naast Rommy ook Greg Remmers zou hebben ontmoet. Toen dit gegeven weer ter sprake kwam boog Greg Remmers zich even naar voren en zei met enige overtuiging in zijn stem tegen me: 'En ik ken die hele vent niet! Heb hem zeker nooit ontmoet. Hij liegt gewoon dat-ie barst!'. Zo ook een poosje later toen het weer even ging over de liquidatie van Ton de Bruin in 1992 ging, die volgens Harry W. door Jesse gepleegd zou zijn. Jesse zou volgens W. in vrouwenkleding hebben aangebeld en De Bruin aan zijn voordeur hebben geliquideerd.

Uit het verslag van 20 oktober 2011:
De getuige zegt namelijk begin jaren negentig met onder meer Henk Rommy en Greg Remmers, de vader van Jesse Remmers, te zijn omgegaan en zou een tijdje samen met Moppie Rasnabe op de boot van Gilbert Rommy, de zoon van Henk Rommy, hebben gewoond. Henk Rommy is de peetvader van Jesse Remmers, echter Jesse Remmers zelf had de getuige nooit ontmoet. Wel wist de getuige tussen neus en lippen door te vertellen dat Jesse verantwoordelijk zou zijn voor de liquidatie van drugshandelaar Ton de Bruin op 10 januari 1992. Jesse zou in vrouwenkleding hebben aangebeld en Ton de Bruin hebben geliquideerd. Opmerkelijk detail in W's verhaal: Jesse zou zo cool zijn dat hij op weg naar deze liquidatie in de Donald Duck zou hebben zitten lezen. Althans, dat had W. een keer van anderen gehoord. Henk Rommy werd door de politie een tijdlang verdacht van het opdracht geven tot deze niet opgeloste moord".

Greg Remmers merkte later in een pauze lichtelijk geïrriteerd klinkend op: 'Die vent spoort echt niet, dit verhaal is echt heel anders gegaan. Mijn zoon Jesse heeft daar echt he-le-maal niets mee te maken gehad. Hoe komt die fantast erbij?!'

Over het hoe en waarom Harry W. die dingen vertelde, kun je lang en breed over discussiëren, wat ook gedaan is in eerste aanleg en ook nu kwam uit de vraagstelling van de verdediging wel naar voren dat er aan het verhaal van getuige Harry W. sterk getwijfeld wordt, beter gezegd: Dat men hem ziet als gelegenheids-getuige die er vooral enig voordeel bij heeft gehad onwaarheden te verklaren die naadloos aansluiten op hetgeen reeds uitgebreid tot in details was besproken tijdens zittingen voor Harry W. in 2011 ineens onverwacht opdook als mogelijke nieuwe kroongetuige.

En dat komt alleen niet uit de mond van advocaten, verdachten of mensen met een directe familieband, of andere mogelijke belanghebbenden, maar ook uit de mond van mensen die zich onbespied waanden. Zo wees voorzitter Mr. Ruud Veldhuisen getuige Harry W. op een tapgesprek waarin Gilbert Rommy over de lijn komt en zegt: "Die Harry die ze nu hebben, die bij mijn vader heeft gelopen altijd, die ouwe, die Harry W. die nieuwe (getuige) die ken ik heel goed. Vriend als jij weet wat voor een idioot dat is. Dat ze die serieus nemen... Dat is er echt één die uit de serie komt van Bassie en Adriaan".  
Voorzitter: Dat is niet helemaal... eh... dat getuigt niet van veel respect, zal ik maar zeggen...
Harry W.: Nou ja, daar ben ik op mijn leeftijd ook helemaal niet meer op uit.
Voorzitter: Nee, dat begrijp ik, maar ik probeer even te begrijpen waarom ze zo over u spreken?
Harry W.: Nou ja, ik denk dat ik dat wel weet. Ik verklaar natuurlijk van alles over die mensen. Dat was natuurlijk eh.. dat zeggen ze natuurlijk naar mensen toe die eh... ik weet niet tegen wie ze zo over me gesproken hebben, maar die mensen ken ik waarschijnlijk helemaal niet.
Voorzitter: Nee, dat kan een reden zijn, maar dit is dus een reden die u verondersteld?
Harry W zweeg.

De voorzitter begon hierover omdat Moppie Rasnabe Harry W. ook al eens een 'dorpsgek' had genoemd.
Voorzitter: Het is niet eerbiedig, maar het wordt toch maar gezegd.

Wat ook opvalt is dat Harry W. in 2009 uit zichzelf naar de politie was gegaan omdat hem ter ore was gekomen dat mensen uit het milieu het voornemen hadden een liquidatie te plegen. Hij wilde dat naar eigen zeggen voorkomen en is toen naar de politie gestapt. De voorzitter vroeg waarom W. toen dan niet over de '93-zaken is begonnen, nu hij beweert dat hem die wetenschap die hij zegt te hebben over die '93-zaken naar eigen zeggen al zo'n lange tijd dwars zat? Daar zit natuurlijk wel wat in. De logica ontbreekt. Het is in ieder geval een goede vraag: Waarom in 2011 wel over die zaken beginnen en relatief kort daarvoor in 2009, toen je ook al ging vertellen over een op handen zijnde liquidatie bij de politie en het je ook al dwars gezeten moet hebben, verzweeg W. dat toen nog...

Ik stelde me zo voor dat een goede vervolg-vraag geweest had kunnen zijn: Was dat niet omdat u intussen veel informatie had gelezen op internet over de '93-zaken? En dan gesteld door de verdediging. Maar goed, wat ik al zei, het Hof was niet van plan alle vragen die reeds in eerste aanleg aan de orde zijn gekomen opnieuw gesteld zouden worden door de verdediging. Hoe de raadsheren van het Hof hier nu zelf over denken is mij niet duidelijk. Ik kreeg door de kritische vraagstelling soms wel de indruk dat het Hof ook moeite had bepaalde dingen aan te nemen die Harry W. beweerde. Nu slikken de raadsheren sowieso niet dingen voor zoete koek, is me opgevallen de laatste maanden, maar we zullen het pas zien in de toekomst.

De eerstvolgende openbare zitting is in ieder geval op 12 mei in de zaken van Jesse Remmers, Moppie Rasnabe, Siegfried Saez, Ali Akgün, Sjaak Burger, Dino Soerel en Fred Ros. Gehoord zullen worden Patrick de M. en Arjen Kaale sr. in het JCS.

Bondtehond

zaterdag 12 april 2014

'Je gaat toch niet aan iemand vragen: Doe jij verkeerde dingen?'

De maandag gegijzelde getuige Lesley Verkaart kreeg donderdag in het JCS een herkansing om aan zijn verplichting te moeten getuigen in het Hoger beroep van het liquidatieproces Passage te voldoen. Daarna kwam ook getuige June A. (41) getuigen in dezelfde zaak, deeldossier Cobra, de Antwerpse dubbele moord. 'June', voorheen foutief verstaan en opgeschreven als 'Jew', is overigens de bijnaam van de geboren Curaçaoënaar die op 3-jarige leeftijd naar Nederland is gekomen, zijn doopnamen klinken meer Antilliaans.


Tijdens het verhoor bleek dat June A. nog niet zo lang vrij is uit een gevangenisstraf van ruim 10 jaar. In 2003 is June in eerste aanleg tot 18 jaar veroordeeld voor een schietpartij in 2002 in Club Matrixx in Nijmegen waarbij twee slachtoffers vielen. Een portier kwam om het leven, een andere portier hield blijvend letsel over aan de schietpartij. In Hoger beroep is de straf verminderd tot 16 jaar. June was vroeger goed bevriend met Gilbert Rommy, de zoon van Henk Orlando Rommy aka 'Zwarte Cobra'. Hij had Gilbert twee maanden geleden nog één keer telefonisch gesproken, maar heeft verder geen contact meer met hem. Via Gilbert had hij vroeger ook Moppie Rasnabe en Jesse Remmers leren kennen. Maar daarover later meer.

De zitting begon met het getuigenverhoor van Lesley Verkaart, die dit keer wél werd bijgestaan door een advocaat, Mr. Jeroen van Weers. Verkaart die maandag al aangaf aan erge pijn te lijden ten gevolge van een nek-hernia, waartegen hij diverse zware pijnstillende middelen en daarnaast slaap-medicatie zou slikken, bleef erbij dat zijn geheugen hem daardoor in de steek liet. De indruk bij het Hof echter bestond maandag al dat Verkaart ondanks de pijn wel zou kunnen getuigen en dat hij dus niet meewerkt aan zijn verplichting. Ondanks dat Verkaart twee dagen had kunnen nadenken in een cel kwam het Hof ook donderdag niet veel verder. Verkaart doet er voornamelijk het zwijgen toe. De zitting met hem werd dan ook grotendeels besteed aan het bespreken of hem al dan niet verschoningrecht toekomt en over zijn medische gesteldheid.

Advocaat Mr. Weers bepleitte dat Verkaart op grond van de stukken wel verschoningsrecht zou moeten toekomen. Na een kort beraad besloot het Hof dat het toekomen van verschoningsrecht per vraag beslist zou worden. Nu het Hof dit besliste wilde de raadsman meer tijd hebben om de stukken te bestuderen. Het Hof besloot echter dat de kopiën van de stukken die Verkaart en Mr. Weers reeds hebben ontvangen voldoende zijn. Ook ging de advocaat in op de medische gesteldheid van zijn cliënt. De vlot pratende raadsman noemde een reeks medicijnen en Verkaart zelf vertelde dat hij reeds twee jaar binnen zit bij zijn moeder en dat hij een tijd geen verzekering had omdat hij zonder inkomen zat. Nu dit de laatste tijd weer een beetje in orde is gekomen, heeft hij inmiddels ook een ziektekostenverzekering en kan hij behandeld worden. Er stond al een medische ingreep gepland. Eigenlijk had daar deze week al een aanvang mee moeten worden gemaakt, maar door de gijzeling kon dat niet, zei Verkaart.

Wel deed het Hof hierna enkele vruchteloze pogingen tenminste een aanvang te maken met het verhoor. Dat bleek dus zinloos. De meeste vragen werden ontkennend beantwoord. De kopieën van de stukken die Verkaart had ontvangen wegens zijn gijzeling had hij geen tijd voor gehad om te lezen. Dat hij in 2009 ook een tijdje is gegijzeld, wist hij niet meer. Of hij nog wist waar de verhoren over gingen?: 'Nee, totaal niet meer'. Of hij Jesse Remmers kende?: 'Ja'. Maar hoe lang en waar hij Jesse van kende?: 'Geen idee'. Kent u Moppie Rasnabe?: 'Ja'. Hoe lang?: 'Heel lang'. Net zolang als de heer Remmers?: 'Als ik niks kan herinneren, waarom zou ik me dat dan wel kunnen herinneren?' Voorzitter: 'Wij stellen de vragen'. Kent u Saez?: 'Nooit van gehoord'. Kent u Rommy?: 'Wel-es in de krant gelezen'. Of hij wel eens een vuurwapen in Jesse's handen had gezien?: 'Nee'. Echt niet?: 'Nee'. Heeft u de heer Remmers wel eens naar België gereden?: 'Nee'. Nooit de heer Remmers gereden?: 'Nee'... etc. etc.

Bij de raadsheren van het Hof was op momenten wel enige irritatie te bespeuren, waarop zij besloten dat het zo geen zin had om verder te gaan met deze onwillige getuige, naar hun indruk. Verkaart zelf was ook niet blij en zei: 'Wat ik zeg is weinig zinvol denk ik, als er geen vooruitgang in mijn situatie komt. Ik slik medicijnen tegen de pijn en om te slapen enzo, en nu lijkt het erop of niemand me gelooft... Dat vind ik wel heel erg vervelend'. Mr. Weers vulde aan: 'Natuurlijk is mijn cliënt een beetje onwillig omdat hij dingen moet proberen te herinneren die hij zegt niet te kunnen herinneren'. Hij vroeg de gijzeling voor nu op te heffen. De voorzitter vroeg daarop een reactie van alle procespartijen.

Het advocaten-generaal van het OM wilden dat Verkaart in gijzeling bleef. Uit de medische stukken blijkt volgens Mrs. Posthumus en De Jong niet voldoende dat de getuige ook aan geheugenverlies zou lijden. Mr. Robert Malewicz, de raadsman van Jesse Remmers, stelde voor dat Verkaart, die had aangegeven als de pijn weg zou zijn dat hij zich dan wellicht wel een en ander zou kunnen herinneren, dan maar beter eerst die medische ingreep zou moeten ondergaan. De andere raadslieden konden zich daar wel in vinden, zo ook Mr. Weers, de raadsman van Verkaart. Na een kort beraad besloot het Hof de gijzeling inderdaad maar op te heffen, maar voorzitter Mr. Ruud Veldhuisen zei er expliciet bij dat dat niet was omdat Lesley Verkaart nu wel aan verplichting had voldaan en dat hij op een later tijdstip, dus na de medische ingreep die hij in vrijheid mag ondergaan, wel weer zal worden opgeroepen. Zijn advocaat moet melden wanneer de ingreep is ondergaan, maar Verkaart mocht voor nu dus voorlopig gaan. Ze verlieten de zaal.

Getuige June A. werd meteen hierna weer binnengeroepen. De donkerkleurige Antilliaan, die accentloos Nederlands spreekt omdat hij reeds sinds zijn derde in Nederland woont, was 's morgens al even binnengeroepen. Maar de voorzitter realiseerde zich dat er een aantal raadslieden alleen aanwezig waren voor het verhoor van getuige Lesley Verkaart, dus vroeg hij June A. even terug te gaan naar de wachtkamer. Na het verhoor van Verkaart vertrokken de raadslieden: Mr. Stijn Franken van Pinny Song,
Mrs. Pelle Tuijnenburg en Max den Blanken van Freek S. en Mr. Steven Post van Nan Paul de B.

Nu was het dus de beurt aan June A. die plaats nam midden-voor het Hof. Na de belofte de vragen naar waarheid te zullen beantwoorden en enkele inleidende vraagjes, begon het verhoor. Hij is op 16 oktober 2013 vrijgekomen uit detentie wegens de voornoemde schietpartij in Club Matrixx. Op 21 februari kreeg hij een oproep om te komen getuigen. Het was geen verrassing voor hem omdat hij al eens was gebeld dat zijn naam op internet stond dat hij verhoord zou worden in het Passage-proces. Ook wist hij dat Jake B. een verklaring over hem had afgelegd. Daar was hij eerder over gehoord. Één van de raadsheren vroeg of June A. zich had voorbereid op het verhoor. Dat had A. niet omdat hij weet dat hetgeen gezegd is over hem door Jake B. leugens zijn, aldus A.

Het verhoor van Jake B. van 6 maart jl. ben ik overigens niet aan toegekomen een verslag over te maken, maar het kwam er in grote lijnen op neer dat Jake B. en June A. bevriend waren, dat Jake B. een auto te koop had en dat June A. hem toen meenam naar Moppie Rasnabe in Diemen die de BMW 5-serie misschien wel wilde overnemen. Dat ging niet door omdat er een te lichte motor in zat. Maar June A. en Jake B. waren dus wel even bij Moppie thuis en daar lagen allerlei dossierstukken, volgens Jake B.. Die gingen onder andere over de dubbele moord in Antwerpen, de zaak waarin Moppie verdachte was. Jake B. zou daar toen even in hebben zitten bladeren en las over de moorden. Op de terugweg in de auto zou June A. hem toen veel verteld hebben over Moppie Rasnabe, Jesse Remmers en Siegfried Saez. June zou dat stoer en met enige gevoel voor sensatie hebben verteld, aldus Jake B. Wel zei hij erbij later op een vraag van een raadsheer of June nu sprak uit wetenschap of verdenking, dat June het waarschijnlijk vertelde uit verdenking. In 1996 zou Jake B. bij de politie hebben verklaard dat Moppie ook betrokken was bij de moord op Jaap van der Heijden. De politie vroeg of Jake B. de woning van June A., die destijds in Zaandam woonde, wilde aanwijzen. Dat heeft hij volgens de stukken ook gedaan, maar zelf kon Jake B. zich dat niet meer herinneren op zitting.

June A. ontkent juist dat hij Jake B. die dingen verteld zou hebben. Het klopt volgens hem ook niet, want Jesse kende hij naar eigen zeggen toen nog helemaal niet. Hij heeft er later wel eens over nagedacht waarom Jake B. dit allemaal over hem heeft verteld. Hij denkt omdat de groep van Jake B. toentertijd een conflict had met de groep van Siegfried Saez. Dat er een conflict was tussen die groepen destijds was algemeen bekend in de Antilliaanse gemeenschap, aldus June A. Jake B. was een keer in een schietpartij beland met Saez toen zijn groep iets van Saez wilde rippen en werd daarvoor gearresteerd. Op de vraag van een raadsheer waarom Jake B. dit dan verteld zou hebben over June A. denkt hij dat Jake B. misschien dacht dat hij 'er dan eerder uit zou springen' (vrij zou komen) en dat dit de reden geweest moet zijn waarom hij de politie had ingelicht, concludeerde June. Zo zijn de rechercheurs ook bij hem terecht gekomen.

June A. koppelt de stapel dossiers ook aan een heel andere locatie, nl. het huis van zijn ouders. De dossiers zouden een keer in een auto hebben gelegen toen ze daar waren. Moppie wilde ze daar niet laten liggen. Jake B. zou die toen mee naar binnen hebben genomen. Moppie zou tegen hen hebben gezegd: 'Lees maar'. June had eigenlijk geen interesse om het te lezen en het bleef bij een beetje bladeren. Vervolgens zou Jake B. wel hebben zitten lezen en had hij daar later ook vragen over gesteld aan June A. June: Hij vroeg aan me: 'Heb je dat gelezen?' Ik zei nee, ik interesseer me daar niet voor. Toen vroeg ik: Waarom vraag je dat, je bent toch niet van de politie? Later, in '95/'96, nadat hij Jake B. al een tijdje niet had gezien heeft hij eens boos aan Jake B. gevraagd nadat de politie bij hem was geweest: 'Waarom gooi je me zomaar in een verhaal dat niet klopt?' June: Hij had het over een probleem met Siegfried Saez en dit en dat en blablabla, en hij had vastgezeten eventjes. Ja, ik dacht, en dan kom je met zo'n verhaal? Maar ja, in de loop der tijd ontdek je dan pas dingen. En als je later alles zo leest in de Telegraaf of Panorama enzo... Ik dacht: Oh, nu snap ik ongeveer hoe dit allemaal is gekomen.

De raadsheer vroeg of June nog wist dat de politie in 2007 ook nog een keer bij hem is geweest in het HvB van Nieuwegein. June A. vertelde dat jij op een keer op de werkzaal zat toen hij werd opgeroepen voor de reclassering, maar er zaten boven twee rechercheurs met een laptop. Ze zeiden: 'Luister dan, je gaat ons helpen een zaak op te lossen'. Ik zei: welke zaak? Toen zeiden ze: 'Ja, Jake heeft ons gestuurd naar jou, over dat jij dingen hebt gehoord'. Maar ik begon keihard te lachen, zei June, daar klopte helemaal niks van. Ik had helemaal geen zin om met ze te praten. En ik had toevallig een Panorama bij me, dus ik zei: Er staat van alles in de Panorama en dan gaan jullie mij lastig vallen. Toen zeiden ze: 'Ja maar, we kunnen je het ook moeilijk maken'. Toen ben ik opgestaan en zei: Doe maar wat je wilt, zoek het maar uit. Toen zeiden ze: 'We kunnen van alles...en Jake zegt dit, en Jake zegt dat'. Toen zei ik: Ik wil het allemaal niet weten. Toen begon ik ze uit te lachen en zei: Jullie zijn gek. Het is een beetje onzin allemaal dit.
Raadsheer: En toen heeft u niks gezegd? Want u weet waarschijnlijk, u bent ook nog een keer bij de RC geweest, dat de politie toen wel een proces-verbaal heeft opgesteld?
June A.: Ja, in 2009 heeft u het over?
Raadsheer: Daar klopt niks van?
June A: Nee, daar klopt echt niks van.
Raadsheer: Ik hou u een paar dingen voor. U zou hebben gezegd: 'Die zaak? Ja die zaak ken ik wel, dat is een rare zaak. Ik ken de zaak van Peter R. de Vries. Ik zal u eerlijk zeggen, dat dossier over deze zaak van Moppie heb ik gelezen. Ik was aanvankelijk zelf ook bang dat ik verdachte zou worden omdat er twee Antillianen zouden hebben geschoten'. Dat zegt u niks?
June A.: Nee.
Raadsheer: En de politie zegt dat u Moppie een beetje belachelijk maakte en nadoet...
June A.: Nee, zeker niet.
Raadsheer citeert: 'Jullie kennen hem toch? Het is net een wijf'. En dan zeggen de verbalisanten: 'De getuige geeft aan hoe hij over hem denkt en immiteert hem door verwijfd te lachen, met een hoog stemmetje te spreken en vrouwelijk aandoende gebaren te maken'.
June A.: Nee... Want ik kwam binnen en heb echt een beetje gelachen tegen hun, van: nog effetjes... Want ik was bezig om hun uit te leggen van: Jullie luisteren naar wat Jake B. zegt, dus jullie geloven hem, zometeen schuiven jullie die hele zaak nog in mijn schoenen. Dus daar klopt helemaal niks van. Maar ik had toevallig die Panorama bij me. Ik zei: Daar staat van alles in, dus waarom heb je mij nodig? Toen ging ik ze een beetje uitlachen en toen ben ik weggegaan.
Raadsheer: Ja, dat is zo gek hè, want de politie schrijft wel een aantal dingen op en die schrijft dat ook met een zekere detaillering op, wat u gezegd zou hebben, maar u zegt: Daar klopt helemaal niks van.
June A.: Nee, daar klopt helemaal niks van.
Raadsheer: Compleet verzonnen?
June A.: Zeker.
Raadsheer: Een aantal dingen die ze zeggen kloppen op een gegeven moment wel, want u zou ook hebben gezegd: 'Ik zit nu tot 2013. Ik zit hier voor mezelf, ik heb mijn ding gedaan en sta achter mijn daad. Ik zit mijn straf uit, hoe lang deze ook is. Als je slap bent val je hier echt door de mand'. Zou u dat hebben gezegd tegen hen?
June A.: Nee.

later:
Over Panorama gesproken, daar ging het wel vaker over tijdens dit verhoor. Het gegeven dat June de Panorama noemde ontlokte dat de voorzitter bv. een vraagje of June Henk Rommy kende:  Als je Panorama en De Telegraaf leest en er zijn dan mensen die denken: 'Oh, die naam Henk Rommy heb ik wel eens eerder gehoord'. Hoe zou ú de reputatie van Henk Rommy omschrijven? Als iemand dat aan u zou vragen, van goh, wie is die man? Waar is die man van bekend? Wat is dan uw antwoord?
June noemde Rommy een nette, vriendelijke man. Maar ja, je moet natuurlijk niet naar die verhalen gaan luisteren...
Voorzitter: Want, wat staat er dan in die verhalen? U leest dat. Staat er dan in dat hij op een postkantoor werkt, of bij een bank?
June: Ja... projectontwikkelaar.
Voorzitter: Projectontwikkelaar? Nu krijgen veel mensen bijnamen in hun leven, de ene 'neus', de andere 'lange', de andere 'Zwarte Cobra'. Waarom werd Henk Rommy 'Zwarte Cobra' genoemd? Weet u dat?
June's antwoord klonk grappig: Ja, ik heb eens ergens gelezen dat hij een lange slurf had.
Voorzitter: Een lange slurf? Maar dat is zo omdat u het gelezen heeft. Zou het ook zo kunnen zijn omdat hij een gladde aal is? Omdat het een handige vent is die overal tussenuit weet te komen?
June A.: Dat zou ook kunnen. Dan zou ik effetjes... dan moet ik op internet kijken. Dat weet ik niet.
Voorzitter: Of dat hij plotseling toeslaat, onverwacht?
June A.: Dat weet ik niet.
Voorzitter: Zou dat kunnen? Klinkt u dat wel bekend in de oren?
June A.: Nee.
Voorzitter: Helemaal niet?
June A.: Nee.
Voorzitter: Dus u denkt bij de naam 'Zwarte Cobra' alleen maar aan de slurf, zal ik maar zeggen. Dat is het enige wat bij u opkomt?
June A.: Ja, omdat hij een neger is, zeg maar.

later:
En Moppie? Hoe zou u Moppie beschrijven? En ik bedoel dan niet zijn slurf, of zijn lengte.
June: Ja gewoon, een charmeur, een nette, aardige vent. Vriendelijk. Humor.
Voorzitter: U ging uit, waar betaalde u dat van?
June: Daar kan ik me niet over uitlaten.
Voorzitter: En Moppie?
June: Die werkte in een winkeltje bij Albert Cuijp.
Voorzitter: Heeft u dat gezien?
June: Ja.
Voorzitter: Weet u of Moppie stoute dingen deed?
June: Nee, dat vroeg ik nooit. Ja gaat toch niet aan iemand vragen: Doe jij verkeerde dingen?

later:
Tijdens de detentie van June A. in 2003/2004 in de Bijlmer Bajes wegens de schietpartij in de Matrixx zat June A. in toren 'Het Schouw' op de afdeling met Danny Kuiters. June: We konden met elkaar opschieten omdat we dezelfde mensen kenden. Danny is ook de ex-vriend van de moeder van mijn kind. Daarom gingen we close om. Ik kookte en hij was vegetarisch, dus kookte ik voor hem.

later:
Peter la Serpe had June ook wel ontmoet omdat hij altijd bij Jesse Remmers was. Maar Peter mocht hij niet zo. Hij had meer oog voor Jesse. Peter deed vaak uit de hoogte, denigrerend en arrogant. Hij noemde ook een voorbeeld:  Ze waren een keer met z'n drieën in café 'De Heinekenhoek' op het Leidseplein. Jesse ging even naar het toilet. June: Dan las Peter een krant en vroeg ik: Wat doe je? Toen zei hij: 'Ja, ik hou me bezig met aandelen, dat is boven jouw niveau, ik heb geen zin om jou dat uit te leggen'.
AG: En Jesse?
June: Jesse deed gewoon normaal.
etc. etc.

Tot zover.

Het verhoor van June A. duurde in totaal uren. Het is dan sowieso moeilijk alle rode lijntjes eruit te pikken. June A. kwam op mij wel over als een man die weet wat hij zegt. De verdediging kwam natuurlijk ook nog aan bod. En de AG's. Ik kom daar ooit nog op terug. In een omnibus van 10 delen...  Nee zonder gekheid, June A. bleef erbij dat bepaalde uitspraken die de politie in een proces-verbaal van bevindingen heeft opgetekend, dus zonder zijn handtekening eronder, zijn gebaseerd op een moment dat hij daar in HvB Nieuwegein voor ze zat met toevallig een Panorama in zijn handen waar in stond dat Jesse Remmers 'Hitman nr 1' zou zijn en dat bepaalde uitspraken niet uit zijn mond komen. Dus ook toen hij gezegd zou hebben: 'Moppie heeft er de ballen niet voor, maar die wel (wijzend op de Panorama), Jesse wel. Hitman nr 1 natuurlijk', over die gepleegde moorden, zei hij dat niet uit eigen wetenschap, maar omdat dit destijds (2007) zo dus in die Panorama stond... (zo begreep ik het).

Maandag vindt het verhoor van getuige Harry W. plaats in de Bunker te Osdorp. Dat is tijdelijk ivm de beveiliging op verzoek van TGB (Team Getuigen Bescherming).

Bondtehond

dinsdag 8 april 2014

Het Hof gijzelt Passage-getuige Lesley Verkaart

In het Justitieel Complex te Schiphol (JCS) zouden maandag de getuigenverhoren plaatsvinden van Lesley Verkaart in deeldossier 'Cobra' en Estrella Verbaan jr., de zus van de overleden verdachte Raymond Verbaan, in deeldossier 'Tanta'. Tijdens een eerdere zitting had ik begrepen dat de moeder van Raymond vandaag gehoord zou worden, net als in september 2009 in de Bunker te Osdorp, maar het betrof nu dus Estrella Verbaan jr, haar dochter met dezelfde naam. Estrella jr. werd bijgestaan door Mr. Jon Mul, de raadsman die eerder ook Moppie Rasnabe bijstond in deeldossier 'Indiana'. Beide verhoren liepen echter anders dan gepland.


Lesley Verkaart is in gijzeling genomen voor maximaal 30 dagen. Hij was 's morgens als eerste aan de beurt, toen ik helaas nog niet in de zittingszaal was. Ik hoorde dat Verkaart het Hof te kennen had gegeven dat hij een nek-hernia heeft, dat hij vooral erg veel pijn heeft en zich mede daardoor niet in staat voelde te kunnen getuigen en al dan niet zich kennelijk ook niets meer kon herinneren. Het Hof vond dat ongeloofwaardig en ondanks papieren van een dokter die Verkaart bij zich had, als bewijs dat hij die nek-hernia reeds 6 jaar heeft, werd Verkaart 's morgens in gijzeling genomen en afgevoerd naar het cellencomplex van het JCS om een aantal uren zijn geheugen op te frissen. Na het verhoor van Estrella Verbaan jr. kreeg Verkaart een herkansing en deed het Hof een laatste poging Verkaart aan zijn verplichting te houden om te moeten verklaren, maar dat bleek tevergeefs.

Het Hof ging daarop even in beraad. De voorzitter van het Hof Mr. Ruud Veldhuisen gaf kort na de hervatting van de zitting de beslissing die het Hof had genomen:

Mr. Veldhuisen: Noch het briefje van uw huisarts, noch in verband met al die andere stukken die u heeft overlegd, kan het Hof een bevestiging krijgen dat het anders is dan onze indruk is, namelijk dat u niet wilt meewerken aan het verhoor. En dat betekent dat de gijzeling voor maximaal 30 dagen die bevolen is gewoon voortduurt. Op 10 april zult u weer in deze zaal worden geleid en dan zullen we zien hoe de vlag er dan voorhangt. De gijzeling strekt ertoe om het nakomen van uw verplichting af te dwingen.
Lesley Verkaart: Dat had ik al begrepen.
Mr. Veldhuisen: Ja, maar ik zeg het nog een keer hardop, zodat u weet wat we beogen met die gijzeling.

Donderdag moet/mag Verkaart dus weer komen voor een nieuwe poging hem te laten getuigen over hetgeen hij eerder, onder meer nog in 2007, heeft verklaard over een dag in 1993 dat hij Jesse Remmers naar België zou hebben gereden als diens chauffeur. De verklaring van Lesley Verkaart van destijds wordt door het OM als belangrijke verklaring gezien. Lesley Verkaart verklaarde onder meer samen met Jesse Remmers naar Antwerpen te zijn gereden en daar zou hij Jesse later ook weer ergens hebben opgehaald. Onderweg naar Den Haag zouden ze zijn gestopt en zou Jesse hebben gebeld met een autotelefoon. Daarna zouden ze zijn doorgereden naar het Hilton in Den Haag. Daar zou Jesse volgens Verkaart een half uurtje binnen zijn geweest terwijl hij buiten in de auto op Jesse zou hebben gewacht.

Meteen na de mededeling werd Verkaart dus wederom afgevoerd naar z'n cel.

Met Estrella Verbaan jr. (45) verliep het getuigenverhoor ook al niet zo soepel. De advocaat van Verbaan, Mr. Jon Mul, gaf vlak voor het verhoor door het Hof begon eerst wat informatie over de fysieke toestand van zijn cliënt. De raadsman gaf aan dat zijn cliënt ziek zou zijn en dat ze nogal was afgetakeld. Estrella Verbaan jr. zegt zelf dat ze lijdt aan bloedarmoede. 'Ja, dat heb ik ook', merkte Estrella op. 'Ja, dat heeft ze ook', zegt ze, 'maar daar willen we het ook graag bij houden', merkte de raadsman op. Een en ander zou van invloed zijn op haar geheugen en dat bleek ook wel tijdens het verhoor.

Ten tweede gaf Mr. Jon Mul aan dat hij vroeger ook de advocaat is geweest van Moppie Rasnabe en dat hij weet dat Malika Nassri dingen heeft verklaard in de zaak Indiana die haaks staan op de verklaring van zijn cliënt Verbaan jr.. Dat houdt dus in, dat indien het Hof die verklaring zou geloven, dat de verklaring van zijn cliënt als meinedig zou kunnen worden gezien. En er zou een OVC-gesprek (Opname Vertrouwelijke Communicatie) in het dossier zijn gevoegd tussen Moppie Rasnabe en zijn broer Youssef waarin gesuggereerd zou zijn dat er betaald zou zijn aan zijn cliënt om te zwijgen. Dus dat zijn situaties waar het Hof mee te maken heeft en waarbij hij zijn cliënt dus als raadsman zou bijstaan maandagmiddag. Het Hof vond de toelichting duidelijk genoeg en besloot verder af te zien van een toelichting achter gesloten deuren over de fysieke toestand van Verbaan.

Na de belofte door Estrella Verbaan jr. naar waarheid te zullen antwoorden, had het OM een verzoek. De advocaten-generaal Mrs. Posthumus en De Jong van het OM zijn van mening dat gezien de ratio van artikelen in het Wetboek van Strafrecht in de zaak Tanta getuige Estrella Verbaan, die tevens de zus is van de reeds overleden verdachte Raymond Verbaan, wel verschoningsrecht moest toekomen. Het OM verzocht het Hof daar een standpunt over in te nemen. De verdediging van Jesse Remmers, Moppie Rasnabe en Siegfried Saez verzetten zich daartegen. Mr. Robert Malewicz was van mening dat nu Raymond Verbaan is komen te overlijden, dat hij nooit meer strafrechtelijk vervolgd kan worden, dus vond hij dat in dit geval het verschoningsrecht kon komen te vervallen.

Het Hof ging even in beraad en besloot dat het verschoningsrecht zowel in geval van Raymond als de moeder van Raymond en Estrella jr. in stand moest blijven. Samengevat: 'Zowel het belang van de waarheidsvinding alswel het gegeven dat Raymond medeverdachte is en schuldig bevonden kan worden, doet niets af aan het verschoningsrecht. De bloedverwantschap eindigt niet omdat de bloedverwant is overleden, dat houdt in dat op basis van art. 217 Sv. algemeen verschoningsrecht aan de getuige toekomt. En op basis van art. 219 Sv. ook voor wat betreft de moeder', aldus de voorzitter van het Hof.

Hierna gaf het Hof raadsman de heer Mul even de gelegenheid de omvang van het verschoningsrecht uit te leggen aan zijn cliënt. Hierna merkte Mr. Mul op navraag van het Hof op: 'dat het opnamevermogen van mijn cliënt nogal beperkt is'.

Vervolgens begon het Hof met het getuigenverhoor. Al snel bleek dat getuige Estrella Verbaan zich op enkele vragen na niets kon herinneren van de gebeurtenissen in 1993 betreffende de zaak Tanta, oftewel de moord op de twee Joegoslaven Djordje Ilic en Salim Hadziselimovic, die in 1993 een tijdje bij de familie Verbaan inwoonden.

Voorzitter: Mijn collega zal u een aantal vragen stellen.
Raadsheer: Ja, mevrouw Verbaan, u weet waar het vandaag over gaat? Waar de vragen over zullen worden gesteld? Ja? U wordt o.a. bevraagd in de zaak van de heer Remmers, die daar zit. Kent u hem?
Verbaan jr: Ja, van vroeger. Jaren geleden.
Raadsheer: En meneer Rasnabe, die kent u ook hè?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: En meneer Saez. Kent u die naam? Nee? In eerste instantie wordt u gehoord in een zaak die verband houdt met de dood van twee Joegoslavische jongens. Dat is al lang geleden geweest, in 1993, weet u dat nog?
Verbaan jr: Nou, ik zal u zeggen. Ik eh, nou eh, die ziekte met dat bloed eh, ik weet eh... wat mijn advocaat net heeft verteld, weet ik al niet meer.
Raadsheer: Dat weet u al niet meer...
Verbaan jr: Dus dat is eh.. echt rot, ik weet het niet meer... Dus dat kan hij antwoorden.
Raadsheer: Nou dat kan niet, want hij is daar waarschijnlijk niet bij geweest, bij al die dingen waarover ik u vragen wil stellen. Maar kunt u, laat ik maar met wat algemene vragen beginnen, kunt u zich die Joegoslavische jongens nog herinneren?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: Ja? Wat kunt u daar over vertellen, over die jongens?
Verbaan jr: Ja, ze waren een tijdje bij Raymond in huis.
Raadsheer: Ik welk huis was dat?
Verbaan jr: Oh en ja, dat was op 64.
Raadsheer: Op nummer 64, ja. Daar heeft u ook gewoond hè?
Verbaan jr: Ja, maar ik was meer bij mijn moeder, want mijn vader was ziek.
Raadsheer: Dus u was meer bij uw moeder? Dat was verderop in de straat hè?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: En die jongens, heb je die vaak gezien in die periode?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Weet u nog wanneer dat was, kunt u er nog een jaartal aan koppelen?
Verbaan jr: Eh nee. Dat weet ik ook niet meer. Enne, ik lieg er niet om, maar ik weet het gewoon niet.
Raadsheer: U weet het niet meer. Ehm, weet u nog dat die jongens op een gegeven moment vedwenen waren?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: Ja? Wat kunt u daarover vertellen? Hoe ging dat?
Verbaan jr: Dat is al heel lang geleden. Nee, ik weet het niet. Ik zet wel heel hard na te denken.
Raadsheer: Het is wel zo natuurlijk dat die zaak, die verdwijning van die jongens, dat heeft ook in uw omgeving natuurlijk veel gevolgen gehad hè? U bent zelf destijds verdachte geweest ook, Uw broer is verdacht. Moppie Rasnabe. Dat was uw vriend destijds hè?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: Die was ook verdacht hè toentertijd, dus ik kan me voorstellen dat dat wel heel veel indruk heeft gemaakt?
Verbaan jr: Ja natuurlijk, maar het is eh... Nu ik die bloedziekte heb, weet ik het allemaal niet meer. Ik kan er niet over... Ik weet het niet meer...
Raadsheer: U weet het niet meer.
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Heeft u de afgelopen tijd nog... volgt u de zaak nog?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: U leest geen kranten daarover? Televisie?
Verbaan jr: Nee. Ik lig de hele dag op bed.
Raadsheer: Ja, want hoe ziet uw leven er nu uit?
Verbaan jr: Nou met twee kinderen en een neefje van Raymond is ook altijd bij mij, dus weet je...  Ik ben echt moeder, enne voor de rest lig ik de hele dag op bed als de kinderen naar school zijn.
Raadsheer: Hoe oud zijn die kinderen?
Verbaan jr: De ene is 13 en de andere is 17.
Raadsheer: Heeft u nog over deze zaak gepraat met anderen, met uw moeder bijvoorbeeld?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Nee? En heeft u nog dingen gelezen, en verklaringen van uzelf?
Verbaan jr: Eh nee, ook niet.
Raadsheer: Dus u bent er helemaal niet meer mee bezig?
Verbaan jr: Nee, maar het is gewoon, ik ben gewoon altijd moe. En ik lieg daar niet om, ik ben gewoon altijd moe... het is zo vervelend, maar dat is eh...
Raadsheer: Kunt u zich nog wel herinneren dat u zelf ook vaak door de politie bent gehoord over deze zaak?
Verbaan jr: Nee, ja, ik weet wel dat ik eens bij ze ben geweest, maar ik weet ook niet meer wat ik heb gezegd.
Raadsheer: U weet niet meer wat u heeft gezegd?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: U heeft ook niet zoveel gezegd, nou ja, u heeft wel veel gezegd, maar u weet dat niet meer?
Verbaan jr: Nee. Echt niet.
Raadsheer: Ehm, heeft het zin om aan u te vragen... u zegt ik weet heel veel niet meer, maar weet u wat er met die Joegoslavische jongens is gebeurd?
Verbaan jr: Ja-ah... dat ze vermoord zijn.
Raadsheer: Hoe weet u dat?
Verbaan jr: Nou dat was op tv paar keer. Dat was bij Opsporing, of zoiets.
Raadsheer: En wat dacht u dat u dat zag?
Verbaan jr: Ja erg... het waren best wel aardige jongens. Maar ik kon ze niet echt goed.
Raadsheer: Weet u hoe ze zijn vermoord?
Verbaan jr: Nee, dat weet ik echt niet.
Raadsheer: Ehm, u weet misschien wel dat er in het dossier dat wij hebben, daar zitten verklaringen in van mensen die zeggen dat dat besproken is waar u bij was, over wat er met die jongens was gebeurd?
Verbaan jr: Nou, dat lijkt me onmogelijk.
Raadsheer: Dat lijkt u onmogelijk?
Verbaan jr: Eh ja...
Raadsheer: Ja... bedoelt u: dat is nooit gebeurd, of: dat kan ik mij niet herinneren? Of hoe moet ik dat zien?
Verbaan jr: Ja, dat zou ik niet weten.
Raadsheer: Dat zou u niet weten. Staat u iets bij van een gesprek bij u thuis, of bij uw moeder thuis, waar daarover gesproken is wat er met die jongens is gebeurd?
Verbaan jr: Nou eigenlijk... er was haast niemand, ik was wel af en toe met Mop, want we zorgden voor elkaar, en...
Raadsheer: Ja... heeft u van Moppie wel es gehoord wat er met die jongens is gebeurd?
Verbaan jr: Ook niet. Nee. Ik weet het niet. Het is zo lang geleden, ik weet het niet...
Raadsheer: Ja, het is wel lang geleden, maar het is ook niet iets... als je er van hebt gehoord, is het niet iets wat je makkelijk vergeet, lijkt me?
Verbaan jr: Nee, dat zeg ik ook niet, maar het is zo lang geleden, ik weet dat niet meer van zo lang geleden.
Raadsheer: U zei net: 'Jesse Remmers, die heb ik wel eens gezien, lang geleden', is hij wel eens bij u thuis geweest?
Verbaan jr: Eh, nou ja, we gingen vaak naar Amsterdam. Ik ging met Mop om en Jesse was vriend van Mop.
Raadsheer: En dan ging u naar Amsterdam met z'n tweeën en dan kwam u Jesse wel eens tegen?
Verbaan jr: Eh... ja.
Raadsheer: Maar is hij ook wel eens bij u thuis geweest op de Maysstraat?
Verbaan: Nee.
Raadsheer: Nee?
Verbaan jr: Nee, als-ie ons op kwam halen, kwam ie altijd voor de deur. Bij ons thuis kon-ie niet naar binnen omdat mijn vader zo ziek was.
Raadsheer: U bedoelt dan dus op nummer 102?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: En op nummer 64? Kwam hij daar wel eens?
Verbaan jr: Nou daar kwam ik niet veel, want ik was altijd bij mijn vader.
Raadsheer: Sliep u daar wel eens op 64?
Verbaan jr: Nee, daar sliep mijn broer, ik sliep daar ook wel eens, maar de ene moest voor mijn vader zorgen, dus als je...
Raadsheer: Heeft u wel eens van uw broer Raymond gehoord over wat er met die Joegoslavische jongens was gebeurd?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Nee... Ehm, zegt u nu dat heb ik allemaal niet gehoord, of dat weet ik niet meer, of...?
Verbaan: Dat weet ik allemaal niet meer. Dat zeg ik net. Het lijkt net of ik een beetje raar zit te doen, maar ik weet het gewoon niet. Dat komt natuurlijk omdat ik ziek ben.
Raadsheer: Ja kijk, dat u ziek bent, dat kan, u heeft net verteld wat u heeft, maar in hoeverre dat ook uw geheugen beïnvloed dat weten we natuurlijk niet. Vadaar dat ik de vraag toch stel. Misschien ligt het voor de hand dat als u het wel zou hebben gehoord, maar dat u het dan vergeten zou zijn, is niet zo vanzelfsprekend.
Verbaan jr: Nee, maar ik weet het echt niet meer. Ik kan niet lang meer nadenken. Meneer Mul zei net wat tegen me en dan vergeet ik het nu alweer. Dat is gewoon echt een beetje raar... Want normaal ben ik nooit zo.
Raadsheer: Maar u zei net, ik weet nog wel over die Joegoslavische jongens, dat u Opsporing Verzocht had gekeken en dat u toen zag dat die Joegoslavische jongens...  Wat zag u toen? Dat ze dood waren. Wat zag u? Weet u dat nog?
Verbaan jr: Ja, ik weet alleen nog dat ze dood waren. Het is zolang geleden dat weet ik allemaal niet meer.
Raadsheer: Weet u iets over waarmee die Joegoslavische jongens zich bezighielden?
Verbaan jr: Ook niet nee, het waren kennissen van Raymond.
Raadsheer: Heeft u daar met Raymond over gesproken, van: 'Goh, wat doen die jongens hier?'
Verbaan jr: Dat weet ik niet meer.
Raadsheer: Kent u Malika Nassri?
Verbaan jr: Ja, dat is mijn ex-schoonzuster.
Raadsheer: Hoe was uw verhouding met haar?
Verbaan jr: Ja, die was wel goed. Ja, ze was een beetje jaloers op die kleine, dat die bij ons.... ja ze was op alles overal jaloers op.
Raadsheer: Overal jaloers op?
Verbaan jr: Ja, ik weet niet hoe ik dat moet zeggen. Die kleine woonde bij mijn moeder em toen eh...
Raadsheer: Met die kleine bedoelde u het kind van Malika en Raymond hè?
Verbaan jr: Ja, maar dan werd ze altijd... altijd was ze kwaad, en agressief, ja jaloers gewoon...
Raadsheer: Hebt u haar nog wel eens gezien de laatste tijd?
Verbaan jr: Nee... nee.
Raadsheer: Weet u wat zij heeft verklaard, in dit proces? Daar bent u waarschijnlijk toch wel mee geconfronteerd? De politie heeft u dat toch wel verteld? Weet u dat nog, wat zij...
Verbaan jr: Nee, ik denk dat ze het over mijn moeder had, maar voor de rest weet ik het niet.
Raadsheer: Want zij verklaart ook over u, bijvoorbeeld. En haar verklaring komt er op neer dat ze zegt: Estrella, ja die weet ook wel wat er met die Joegoslavische jongens is gebeurd. Die was erbij toen daarover gesproken werd.
Verbaan jr: Nee... dat is onzin.
Raadsheer: Dat is onzin?
Verbaan jr: Ja, ze is altijd boos. Het lijkt een heel aardig vrouwtje, maar ze is gewoon altijd boos, op iedereen weet je...
Raadsheer: En waarom zou ze ook boos zijn op u?
Verbaan jr: Nou dat is van vroeger, de eerste paar weken ging het wel, maar daarna hadden we altijd ruzie. Ze maakte ruzie met mijn pa die ziek was, zulke dingen, weet je... ja, hij probeerde tegen iedereen normaal te doen, maar mijn pa was ziek.
Raadsheer: Kunt u zich dat nog herinneren, toen u die verklaringen van Malika hoorde, of u toen nog met Raymond en met Moppie daarover hebt gesproken?
Verbaan jr: Nee dat weet ik niet.
Raadsheer: Dat weet u niet...  Kunt u zich herinneren wat er gebeurd is toen Moppie vastzat voor deze zaak, wat is er toen gebeurd bij u thuis? Er werd over gesproken neem ik aan. Weet u wat er toen over is gezegd?
Verbaan jr: Nee, dat weet ik niet.
Raadsheer: Dat weet u niet meer. Kunt u zich dit überhaupt nog voor de geest halen, die periode?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Hoe lang heeft u die relatie met Moppie gehad eigenlijk? Hoe lang was u samen?
Verbaan jr: Ja, dat is al zo lang geleden, dat weet ik niet... niet zo lang. Het is heel lang geleden.
Raadsheer: Nadat die jongens bij u in huis verbleven, u had toen een relatie met Moppie, heeft die relatie daarna nog maanden geduurd, of jaren?
Verbaan jr: Nee, dat niet... maar ik weet het niet...
Raadsheer: Ik heb in dit stadium eigenlijk geen vragen meer.

Tot zover.

Hierna deden de voorzitter, het OM en de raadslieden nog wel enkele pogingen, echter het geheugen van Estrella Verbaan jr. liet haar vanwege de 'bloedarmoede', zoals zij haar ziekte noemt waaraan ze zegt te lijden, telkens in de steek. Ze verontschuldigde zich regelmatig aan het begin van het verhoor en merkte vlak voor de belofte op: 'Normaal weet ik wel wat ik moet zeggen, maar ik heb er af en toe moeite mee. Ik ben al 20 kilo afgevallen en ik heb maar 3 liter bloed, enne... Dus af en toe dan weet ik het niet meer, dus als ik het niet meer weet, dan kan ik het niet zeggen...'

De voorzitter liet daarop wel merken dat Estrella dat dan niet kwalijk genomen zou worden, als het maar de waarheid is, voor zover ze dat kon nagaan. En als ze het niet weet, dan weet ze het niet. Dat beloofde ze.

Het OM gaf vlak voor het einde van de zitting aan dat het TGB wil dat het verhoor van getuige Harry W., dat gepland staat voor maandag as., plaats zal vinden in de extra beveiligde rechtbank 'De Bunker' te Osdorp. Vanwege de technische voorzieningen die wel in de Bunker zouden zijn en niet in het JCS.  Het Hof wilde echter iets meer inlichtingen waarom dat verhoor niet in het JCS plaats zou kunnen vinden, gelet op de extra beveiligde locatie met z'n technische voorzieningen, zoals een getuigencabine etc., waar de zittingen nu plaatsvinden.

Donderdag beslist het Hof. Dan is er weer een zitting in het JCS. Lesley Verkaart krijgt een herkansing om te getuigen. Opgeroepen zijn Jesse Remmers, Siegfried Saez en Moppie Rasnabe. Of de laatste twee aanwezig zullen zijn is (mij) nog onbekend. Jesse Remmers, die maandag alleen aanwezig was, gaf aan: 'wel de intentie te hebben om te komen'.

Bondtehond
Aangepast zoeken