Google+ Google+ Bondtehond bij het liquidatieproces: 02/14 Google+

vrijdag 14 februari 2014

'Is er een naam genoemd namens iemand voor wie zij kwam?'

Donderdag stonden twee getuigenverhoren gepland in het JCS op Schiphol. De vader van Nan Paul de B. en Geurt Roos, de dinsdag verhinderde beruchte voormalig bodyguard van Klaas Bruinsma, werden beide gehoord in de zaak Opa, aangaande de liquidatie van Tonny van Maurik. De enige aanwezige verdachte was Pinny Song. In de zaal zaten natuurlijk wel de raadslieden namens hun cliënten Nan Paul de B., die zelf vanwege een migraine-aanval in het Huis van Bewaring was gebleven, Freek Stevens, Jesse Remmers en Moppie Rasnabe. Als eerste kon de heer Nan Paul de B. sr. de rechtszaal betreden. Geurt Roos was nog onderweg.

Geurt Roos + Tonny van Maurik

De heer Nan Paul de B. is een nette bescheiden man voor wie het beslist geen dagelijkse kost is om in een zaak als Passage te moeten getuigen. De voorzitter nam de eed af en een van de andere raadsheren begon de eerste vragenronde. Veel vragen gingen over de periode dat Nan Paul in Amsterdam aan de Van Woustraat zou wonen. Althans dat was de plaats waar de vader van Nan Paul zijn zoon wel eens afzette bij de woning waar Nan Paul samen zou hebben gewoond in een appartementje met een vriendin, ene Mireille. Dat moet ongeveer zo'n 5 a 6 keer geweest zijn in de periode 1993, aldus de vader. Hij had de vriendin echter nog nooit ontmoet. Ze schijnt wel een keer bij de ouders thuis te hebben geslapen terwijl zij niet thuis waren. Wanneer dat precies was, wist de heer De B. niet precies.

Ook het verhoor van de heer De B. door de raadsheren kun je omschrijven als behoorlijk kritisch. Over de plek waar Nan Paul woonde, over de etage, over de plek waar z'n vader hem had afgezet, over de banen van Nan Paul, hoe Nan Paul op z'n werk kwam, welke wegen hij fietste, wel metrostation hij uitstapte, of hij filtersigaretten rookte, hoe lang Nan Paul zijn haar droeg destijds, zijn haarkleur, over zijn vriendenclubje uit 1993, (Jesse Remmers, Moppie Rasnabe, Freek Stevens, Yehudi S.) en of Nan Paul zijn rijbewijs had en wel eens in auto's reed.

De advocaten-generaal vroegen enkele keren of de heer De B. stukken had ingezien voor dit getuigen-verhoor. De heer de B. had wel zijn eigen verklaring uit 2008 doorgelezen en op een uitrekseltje na zou hij geen inzage hebben gehad in stukken, aldus De B. Het viel op, zo zei een van de raadsheren, dat de getuige aan de ene kant heel veel was vergeten en aan de andere kant dat hij sommige vragen wel precies wist te beantwoorden, terwijl je zou verwachten dat hij die nou juist wel zou moeten weten. Over een briefje dat is gevonden bij zijn zoon wist hij bijna niets te vertellen. (Dat ging over het briefje met de tekst 'Fuck it, life is too tough for me' en tekst die doet vermoeden alsof Nan Paul de B. nadacht over een deal met Justitie.) Het viel een raadsheer kennelijk op dat de vader daar zichtbaar moeite mee had om over te praten. De raadsheer vroeg waarom dat zo lastig was. De B. antwoordde dat dat was omdat hij de inhoud niet kent.

Mr. Geert-Jan Knoops, samen met Steven Post, de nieuwe advocaat van Nan Paul de B. stelde ook enkele vragen. Zou het kunnen dat de heer De B. zich niet zoveel kan herinneren uit die periode omdat het bedrijf waar hij in 1993 werkte failliet raakte en dat een periode was van veel zorgen om zijn baan? Dit ging met name over een verklaring die de heer De B. had afgelegd in 2008. Kennelijk kon de heer De B. zich in 2008 niet veel herinneren uit de periode waarin de liquidatie plaatsvond. De vader had wel gezegd dat hij zich niet kon voorstellen dat zijn zoon tot zo'n misdaad waar hij voor was aangehouden in staat was. Knoops: Wilde u dat daar mee uitdrukken? De B.: Ja, je kent je zoon door en door. Dat is iets waar ik hem niet voor aanzie.

De heer de B. kon gaan en de rechtbank riep Geurt Roos even binnen om te zeggen dat Geurt Roos iets te laat was en het Hof ook, dus dat streepte de voorzitter tegen elkaar weg, en dat het Hof eerst een kwartier ging pauzeren. Geurt Roos had kennelijk nogal moeten zoeken naar het JCS, maar het was uiteindelijk toch gelukt het complex te vinden en was nu aanwezig. Na de pauze werd Geurt Roos binnengeroepen. De grote Geurt was net als Rik Lam gekleed in een dik houthakkershemd. Hij begroette de aanwezigen en nam plaats midden voor het Hof.

Het verhoor van Geurt Roos ging net als bij Rik Lam voornamelijk over de ontmoeting met de prostituee Karin Swager die in café De Moezel kwam vragen of Rik Lam mensen wist om iemand te vermoorden. Geurt Roos gaf aan dat het wel erg lang geleden is. De raadsheer onderkende dat. De voorzitter wees Roos op het belang dat hij alleen dingen zou verklaren die hij nog zeker wist en om dat te onderstrepen liet hij Roos de eed afleggen, aldus de voorzitter. Na de eed vertelde Roos aan het Hof in een notedop wat er die keer gebeurde.

De raadsheer die Roos ging ondervragen zei: Ik neem aan dat u wel weet waarvoor u hier bent?
Geurt Roos: Ja, ik ben ooit een keer benaderd, althans ik zat toen met een toenmalige kennis wat te drinken in een café in Utrecht... ik denk dat het daarover gaat?
Raadsheer: Daar gaat het over ja. Dat is al heel wat jater terug,
Geurt Roos: Dat is mij altijd bij gebleven. Ik zat toen met een toenmalige vriend wat te drinken en toen komt er op een gegeven moment een vrouw binnen en die zegt tegen die andere man: 'Weet je iemand om iemand te vermoorden?' Ik denk: Hè?! Vermoorden?... Toen zeg ik tegen die vrouw: 'Das goed, dat kost 50 ruggen'. Ik denk: Wie komt er nou bij je: wil je iemand vermoorden? En vervolgens is die vrouw weer weggegaan en een maand of wat later moest ik bij de politie komen. Toen had die vrouw ik weet niet wat allemaal verklaard. Dus toen heb ik dat bevestigd, want ik wou natuurlijk niet in een moordonderzoek meedoen zeg maar, hahaha...
Raadsheer: Ja, nou heeft u zonder dat ik eigenlijk verder wat heb gevraagd de film even heel snel afgedraaid en nu wil ik even naar het begin van die film gaan en deze hier en daar even stilzetten en daar dan wat nader vragen over met u doornemen. Ehm, u verteld over de gebeurtenis in dat café, weet u nog wie dat waren die personen?
Geurt Roos: Die ene was Rik Lam en die vrouw, ja dat weet ik niet meer... het was een kennis van Rik. Ik kon haar niet.
Raadsheer: Ja. Toen u met de politie daarover sprak had u een manier om haar aan te duiden, toen noemde u haar 'dat mokkeltje'.
Geurt Roos: Ja, zoiets ja.
Raadsheer: Ja. Wist u wat ze deed voor de kost?
Geurt Roos: Ik hoorde van Rick dat ze prostituee was.
Raadsheer: En wist u wat voor contact zij met Rik had, wat de relatie was?
Roos: Nee, Rik had toentertijd zoveel vrouwen.
Raadsheer: Rik had veel vrouwen?
Roos: Ja.
Raadsheer: Dat café, weet u nog hoe dat heette?
Roos: Moezel.
Raadsheer: Moezel? Dat is in Utrecht?
Roos: Ja.
Raadsheer: Kwam u er vaak?
Roos: Ik kwam er af en toe als ik Rik nodig had, dan spraken we daar regelmatig af.
Raadsheer: Ja. Met wie had u nou die avond die afspraak?
Roos: Met Rik.
Raadsheer: Met Rik, om daar even wat te drinken?
Roos: Ja.
Raadsheer: Had u nog de bedoeling om met Rik daar dingen te bespreken?
Roos: Ook.
Raadsheer: Wat zakelijke dingen?
Roos: Ja.
Raadsheer: Dat moest ook gebeuren die avond?
Roos: Ja. Ik was daar omdat ik een vraag had aan hem, maar dat stond los van die dame.
Raadsheer: Dat stond los van die dame?
Roos: Ja.
Raadsheer: Heeft Rik nog gezegd of hij een afspraak had met haar in dat café?
Roos: Volgens mij niet. Die vrouw kwam uit het niets in ene keer daar zitten.
Raadsheer: Dat is uw beleving dat ze uit het niets kwam?
Roos: Ja.
Raadsheer: Ik vraag het aan u en als dit uw herinnering is, neem ik dat van u aan. Er zijn verschillende dingen over gezegd, en of ze er nu wel of niet was omdat ze een afspraak had....
Roos: Dat staat me niet meer bij.
Raadsheer: Dat staat u niet bij... ehm, dus u zat daar aan het tafeltje met Rik en kwam zij daar bijzitten?
Roos: Ja... letterlijk.
Raadsheer: Ziet u zichzelf daar nog zitten in het café, de plek en al dat soort meer?
Roos: Nee, dat niet meer.
Raadsheer: Dat niet meer?
Roos: Nee.
Raadsheer: Maar u was wel met Rik al in gesprek? Ze herinnert u het zich?
Roos: Ja.
Raadsheer: Ja ehm... en nou vertelde u hoe dat vervolgens ging. Laten we dat nog even rustig doornemen. Wat vroeg ze nou precies?
Roos: Ehm, op een gegeven moment pikte ik uit het gesprek op of hij mensen wist om iemand te vermoorden.
Raadsheer: Of hij mensen wist om iemand te vermoorden?
Roos: Ja. En toen maakte ik een opmerking: Ja, dat kost je 50 ruggen.
Raadsheer: Dat zei u? Nam u deel aan dat gesprek?
Roos: Toen nam ik deel aan het gesprek, ja.
Raadsheer: Meteen van het begin af aan?
Roos: Nee, want Rik was effe met die vrouw bezig en toen hoorde ik dat en ik dacht: 'Het kennie gekker worden'.
Raadsheer: Ja... ja, want ze richtte zich in eerste instantie tot Rik?
Roos: Ja.
Raadsheer: En ehm, heeft ze nog meer dingen gezegd? Wat precies? Om wie bijvoorbeeld zou het gaan?
Roos: Voor zover ik weet niet, bij wat ik nu nog weet. Misschien heb ik toen anders verklaard?
Raadsheer: Maar wat u nu nog weet: Ze vroeg of hij iemand wist?
Roos: Ja, of woorden van die strekking, ik weet het niet precies, maar woorden van die strekking vroeg zij.
Raadsheer: Ja. En vroeg zij ook naar de prijs?
Roos: Nee, op een gegeven moment nam ik deel aan het gesprek, ik denk: wat is dat nou voor een idioot? Wie komt er nou de kroeg inlopen: Hé jongen, weet je iemand om iemand te vermoorden?
Raadsheer: U kende haar niet hè, zei u, heeft u later nog gehoord hoe ze heette?
Roos: Nee ik... ja... nee.
Raadsheer: Nee.Wist u of ze iets had met Rik Lam?
Roos: Nee.
Raadsheer: Wat is er daarna eigenlijk gebeurd?
Roos: Toen zei ik tegen Rik: Als ik die 50 ruggen heb, dan kopen we alletwee een mooie auto, en eh... hahaha! Ik doe helemaal niks voor dat wijf.
Raadsheer: Hm... hoe heeft dat gesprek al met al geduurd, denkt u?
Roos: Ik denk een half uurtje of zo.
Raadsheer: Een half uurtje? Ja. Is het de hele tijd daarover gegaan?
Roos: Ja, toen zij daar was wel ja. Maar helemaal precies weet ik het ook niet meer. Op een gegeven moment moest ik op het bureau komen en toen wisten ze mij precies te vertellen wat daar gebeurd was en ik denk: 'Oh... ik wil niet in een moordonderzoek meelopen'.
Raadsheer: Ja... ja, daar wil ik het zo nog even met u over hebben hoe die ondervraging van u tot stand is gekomen, hoe dat gegaan is, maar u zegt: Dat gesprek heeft een half uurtje geduurd?
Roos: Ja, in mijn beleving...
Raadsheer: Ja, ja... en hoe bent u toen uit elkaar gegaan? Ging zij van tafel? Of één van u, hoe is dat gegaan?
Roos: Volgens mij is ze toen weer weggegaan.
Raadsheer: Het café uit?
Roos: Ja. Als u me nu vraagt, is ze met Rik meegegaan, dan weet ik dat niet meer.
Raadsheer: Nee. Ehm... ik stelde u de vraag net al, maar ik wil nog even precies van u weten of er namen zijn genoemd? Is er een naam genoemd namens iemand voor wie zij kwam? Weet u of het voor haarzelf was, of voor een ander?
Roos: Er staat mij niet bij of zij dat gezegd heeft.
Raadsheer: Eh nee, en de naam die vermoord moest worden, is die genoemd?
Roos: Dat weet ik niet... dat weet ik niet.
Raadsheer: Heeft u later begepen wie het beoogde slachtoffer was?
Roos: Toen ik er op het bureau over gehoord werd ja.
Raadsheer: Toen pas? Toen pas heeft u een naam gehoord?
Roos: Ja.
Raadsheer: Weet u de naam nog?
Roos: Tonny van Maurik?
Raadsheer: Ja. Is dat de naam die u gehoord heeft?
Roos: Voor zover ik mij kan herinneren niet, maar als ik dat toen anders heb gezegd, dan zal iemand die woorden wel in mijn mond hebben gelegd.
Raadsheer: Ja, ja, alles kan natuurlijk, hé, Maar mijn vraag is: Heeft u op een gegeven moment begrepen over wie zij het mogelijk heeft gehad?
Roos: Wat ik mij weet te herinneren, op dat moment niet, maar als ik anders verklaard heb...
Raadsheer: Ja, en begreep ik nou net dat u de naam van het slachtoffer gehoord had op het politiebureau?
Roos: Als ik de naam genoemd heb, dan hebben ze me daar er misschien mee geconfronteerd? Want hun wisten mij te vertellen dat die vrouw het café binnen gekomen was, ze wisten me alles te vertellen, dus wat moet ik dan gaan ontkennen?

Tot zover het verhoor.

De raadsheren gingen nog na bij Geurt Roos hoe dat eerste contact nou tot stand is gekomen, tussen hem en de politie. Roos kon zich namelijk niet herinneren dat hij de politie benaderd zou hebben. In zijn beleving is hij in Utrecht op het politiebureau geconfronteerd en heeft hij niet in Haarlem zelf de politie benaderd omdat 30 dagen verlenging van voorlopige hechtenis hem verkeerd uit zou komen en mogelijk informatie zou hebben over de moord op Tonny van Maurik die 8 dagen daarvoor was geliquideerd. Dat zou in een PV staan van een politieman. Ook Rik Lam beweerde zoiets dinsdag. Maar Geurt Roos kon de hele gang van zaken na bijna 21 jaar echt niet meer reconstrueren.

De advocaten van Pinny Song, Jesse Remmers en Nan Paul de B. hadden ieder nog enkele vragen voor Roos. Veel vragen waren echter al gesteld door het Hof en OM. Belangrijk voor de verdediging van Pinny Song was om donderdag boven water te krijgen of Karin Swager in café de Moezel op verzoek van Pinny Song zou zijn geweest. Uit dit verhoor is daar niets van gebleken. Ook Roos had overigens net als Rik Lam de indruk dat Karin Swager stijf stond van de coke. Roos vertelde dat hij de indruk dat Swager onder het gesprek een keer naar de toilet ging om te snuiven. Namen heeft hij tijdens het gesprek niet gehoord.

Op de vraag van advocaat-generaal Mr. Posthumus hoe Roos had begrepen dat het vandaag over de zaak Tonny van Maurik zou gaan, antwoordde Roos dat hij dat begrepen had uit stukken op internet, met name op Bondtehond. Dat zal ongetwijfeld kloppen. Over de zaak Song heb ik namelijk best veel verslagen gepubliceerd.

Een greep o.a. daaruit: 10 september 2009 , 11 september 2009 , 12 september 2009 , 12 maart 2010 , 19 mei 2010 , 7 juni 2011 , 9 juni 2012 , 7 maart 2013 , 11 februari 2014 .

Overigens had Roos nog niets gelezen over de zitting van dinsdag, omdat hij nogal verbaasd reageerde toen hij in de pauze uit mijn mond vernam dat Rik Lam dinsdag reeds was gehoord. 'Was Rik ook hier?! En, was hij nog groot?', vroeg Roos. Ik grapte: 'Vergeleken bij jou niet'. De brede Roos moest grijnzen...

Het Hof sloot het getuigenverhoor af, bedankte de getuige, waarop Geurt Roos kon vertrekken.

Op 3 maart gaat het proces verder.

Bondtehond

dinsdag 11 februari 2014

'Wie belde u om over de dood van Tonny van Maurik te vertellen?'

Langzamerhand begint het Hoger Beroep in het Amsterdamse liquidatieproces Passage weer op stoom te komen. Vorige week hebben er in het Hof aan het IJdok enkele getuigenverhoren plaatsgevonden en dinsdag stonden er drie getuigenverhoren in het JCS op de rechtbankrol. In de zaak Opa, de liquidatie van Tonny van Maurik, zouden Geurt Roos, Rik Lam en Tonny Visser gehoord worden. Geurt Roos was echter verhinderd. Kennelijk met een geldige reden en daarom mag/moet hij nu donderdag voor het Hof verschijnen. De zitting begon met de getuigenis van de heer Rik Lam, daarna werd Tonny Visser, de man van Pinny Song, ondervraagd.


Het was rustig in het JCS op Schiphol. Geen journalisten dit keer. Van de verdachten waren alleen Pinny Song en Jesse Remmers aanwezig met hun advocaten Mrs. Stijn Franken en Robert Malewicz. Verder zaten de (vervangende) advocaten van Moppie Rasnabe en Nan Paul de B. in de rechtszaal. Enkele bekenden van Jesse Remmers, waaronder zijn kortgeleden vrijgelaten vader Greg Remmers, die wegens zijn detentie het proces natuurlijk lange tijd niet heeft kunnen bijwonen, waren voor het eerst naar het JCS gekomen en namen plaats op de publieke tribune. Voor zijn aanhouding was Greg Remmers een regelmatige bezoeker in de Bunker te Osdorp om zijn zoon Jesse te steunen.

Binnen in de rechtbank-gang, waar ook de journalisten-, advocaten- en andere wachtkamers zijn, zaten de getuigen Rik Lam en Tonny Visser reeds klaar. De zitting begon om 10:00 uur. Na een korte inleiding door de voorzitter mocht Rik Lam de zaal binnenkomen. De ruig uitziende vijftiger met diverse tattoo's en een geruite houthakkershemd aan op leren klompen nam plaats voor het Hof, midden aan de voorste rij tafels. Rick Lam en Geurt Roos zouden in 1993 gevraagd zijn door Karin Swager, een collega prostituee van Pinny Song uit de Stoofsteeg, om sportschool-houder Tonny van Maurik dood te schieten. Althans dat hebben Roos en Lam eerder verklaard. Over dat gesprek in café De Moezel in Utrecht en de omstandigheden waaronder dat plaatsvond ging een groot gedeelte van het verhoor. Mr. Stijn Franken verzocht of hij als eerste zijn vragen mocht stellen. Dat mocht van het Hof.

Mr. Stijn Franken vroeg of de 55-jarige Rik Lam Karin Swager kon beschrijven en of hij een relatie met haar had in '93. Er ontstond een interessant en informatief gesprek. Van een relatie kon je eigenlijk niet spreken volgens Lam: als je met iemand naar bed gaat, heb je dan meteen een relatie? Karin Swager zag hij beetje als een dommig type die vaak stijf stond van de coke en de alcohol. Hij kende haar omdat ze vaker in dat café kwamen en hij ging wel eens met haar naar bed. Ze woonde in een flatje van een kennis van hem. Hij ging vreemd want hij had een eigen vrouw.

Over Karin wilde hij wel kwijt dat ze vaker met onzin aankwam, zo ook over een mishandeling en het leeghalen van een flatje waarover ze heeft verklaard. 'Dat bedoel ik nou, ze zegt maar wat. Ze had ook een litteken, maar dat kwam door een ex-vriendje. Daar had ik niks mee te maken', aldus Lam. Op de vraag wat hij kon vertellen over Karin Swager: 'Ja, het was een dom figuurtje. Ik denk als het gemeend was (de vraag om Tonny van Maurik dood te schieten) dan ga je niet zo'n figuur sturen...

Geurt Roos kende hij vooral uit Amersfoort. Roos had een reputatie als vechtersbaas. Zelf was Rik toentertijd ook een vechtersbaas, althans hij liep er niet voor weg. Rik Lam heeft een keer iemand gewaarschuwd voor Geurt Roos dat hij een psychopaat zou zijn. Dat kwam volgens Lam door de manier waarop Geurt af en toe uit zijn ogen kon kijken als hij weer eens ruzie zocht en ging vechten. Dan kon je maar beter uitkijken met Roos.

Op een dag kwam Karin Swager weer stijf onder de coke in dat café De Moezel en vroeg ze of Rik Lam iemand kon doodschieten. 'Ze was helemaal naar de klote', aldus Lam. Geurt Roos zat daarbij. Rik Lam heeft toen wel ja gezegd, maar dat was een geintje, zegt hij nu. Geurt Roos vroeg later aan hem: 'Ga je dat doen?' 'Natuurlijk niet', had Lam geantwoord, maar Lam had wel het geld aan willen pakken om zo mogelijk snel een tonnetje te verdienen: 'Je kent dat wel van in de films, dat iemand twee ton betaalt, een ton vooraf en een ton achteraf, dus ik denk als ik dat tonnetje aanpak is dat misschien wel snel verdiend, dus zei ik voor de gein: ja'. Later hoorde Lam dat Roos terwijl hij vastzat voor iets de politie had gebeld en het over hem had gehad. Dat was nadat bleek dat Van Maurik daadwerkelijk was doodgeschoten bij het Altea-hotel in Amsterdam.

Rik Lam: Ik zei: Wat maak je me nou? Ik hoorde dat hij de politie had gebeld van: 'Ik weet hoe en wat' en dat hij het ook over mij had gehad met de politie. Hij zat vast en zag een gaatje om eruit te komen, denk ik. Van als ik dit en dat ga vertellen dat hij dan eerder vrij zou komen.

Dingen die Geurt Roos verklaart kloppen niet helemaal volgens Rik Lam. Roos die het over 'dat mokkeltje' heeft, zegt bijvoorbeeld dat er een afspraak was in dat café, maar volgens Lam hoefde hij helemaal niet af te spreken omdat ze altijd al in dat café De Moezel zaten, Karin Swager ook. Hoe Rik wist dat Karin stijf van de coke stond, vroeg advocaat-generaal Frits Posthumus.
Rik Lam: Ja, hoe zie je dat? Dat zie je gewoon. Iedereen snoof toentertijd, zij ook. En hoe Lam aan die ton kwam? Lam: Dat verzon ik ter plekke. Mr.Posthumus: Leek u dat een reële prijs? Lam: Ik heb geen flauw idee. Het was wel een mooi bedrag...

Jesse Remmers had ook een paar vraagjes: U kent Geurt Roos, weet u of hij een bodyguard had?
Rick Lam: Ja, hij noemde mij zijn bodyguard.
Jesse: Kent u George van Dijk?
Lam: Ja.
Jesse: Weet u of George van Dijk ooit de bodyguard was van Geurt Roos?
Lam: Nou, dat denk ik niet... Ik weet wel hoe dat andere komt. Er stond ooit in de krant dat hij de bodyguard was van Klaas Bruinsma en dat hij mij als zijn bodyguard zag.
Jesse: Dank u. Dat was het.
Voorzitter Mr. Ruud Veldhuisen: Dank u meneer Lam. U kunt gaan.

Na de pauze kon Tonny Visser, de man van Pinny Song, getuigen. Er stond eigenlijk één belangrijke vraag centraal: Wie belde u (Tonny Visser) om over de dood van Tonny van Maurik te vertellen? Op de ochtend na de liquidatie van Tonny van Maurik is Tonny op de woonboot van Pinny namelijk gebeld door iemand met de mededeling dat Tonny van Maurik was doodgeschoten. Het OM gaat er vanuit dat dit telefoontje van Moppie Rasnabe is geweest, echter Tonny ontkent dit en heeft in 1993 niets verklaard en in 2008 summier, omdat hij toen onder de medicatie zat en er niet goed bij was met zijn hoofd. Nu hij echter begrepen heeft dat het wel erg belangrijk is dat de vraag beantwoord wordt wie dat nu was die belde, mede omdat het OM er vanuit gaat dat het Moppie Rasnabe moet zijn geweest, wilde hij nu wel kwijt dat dit Joop K. was. Hij ontkent dat Moppie belde. Joop K. is een goede kennis van Tonny en maakte destijds deel uit van hun hardloop-groepje. Joop K. heeft hem volgens Tonny 's morgens gebeld met de mededeling: 'Ton, je moet de krant effe uit de brievenbus pakken, want Tonny van Maurik is doodgeschoten bij het Altea-hotel'.

Destijds wilde Tonny Joop K. er niet bij betrekken omdat Joop K. getrouwd is met familie van Tonny van Maurik en hij Joop mogelijke ellende wilde besparen als de familie van Van Maurik zou horen dat Joop hem had gebeld. Ook op aanraden van zijn advocaat beriep hij zich op zijn zwijgrecht. Tonny heeft het er later nog wel eens met Joop K., die hij nog zo nu en dan ziet als de leden van dat clubje afspreken bij de Bosbaan, erover gehad. Dat hij hem had gebeld die ochtend en dat hij dat nu wel kan zeggen. Maar Joop K. weet het niet meer precies. Joop is inmiddels 71 en het voorval is ook ruim 20 jaar geleden. Het zou best kunnen, volgens Joop.

Tonny maakt zich er wel een beetje boos over dat nu juist dit telefoontje niet te herleiden is. Daar zijn geen print- of tap-gegevens van bekend. Één van de raadsheren vergiste zich even en het leek er even op dat er wel telefoongegevens beschikbaar waren/zijn.
Tonny zei daarop: Dan zijn we er toch? Dan kunt u toch zien dat het een telefoontje van Joop K. was?
Mr. Stijn Franken vroeg ook meteen om die gegevens, want hij had die tot op heden nog niet ontvangen. 'Deze zouden er niet zijn, is me steeds verteld', aldus Franken. Maar de advocaat-generaal bevestigde dat de raadsheer zich vergiste en dat er inderdaad geen telefoongegevens zijn.

Tonny Visser sputterde nog wel een beetje na: Ik snap dat niet. Nu zijn jullie zo kundig in het terughalen en afluisteren van telefoongesprekken... Waarom kunnen ze dat gesprek dan niet achterhalen?

Een beetje was zijn verontwaardiging wel te begrijpen. Tonny Visser werd nl. behoorlijk kritisch aan de tand gevoeld door zowel Hof als OM. Maar erg veel kan Tonny zich ook niet herinneren na meer dan 20 jaar. Over Moppie wilde hij wel kwijt dat hij als jong jongetje wel eens bleef slapen in het tuinhuisje bij de woonboot waar Paultje sliep, een van de zoons van Tonny en Pinny. Moppie was een leuk, klein kereltje die Tonny wel eens hielp in de tuin en met het schilderen van de boot. Moppie was toen rond de 10 jaar. Jesse kende hij niet zo goed. Wel eens gezien, denkt Tonny, maar er kwamen wel meer vriendjes van zijn zonen over de vloer.

De zitting was al voor 14:00 uur afgelopen omdat Geurt Roos niet was komen opdagen. Donderdag moet Roos alsnog verschijnen en de voorzitter drong er bij de advocaten-generaal van het OM vooral op aan om daar met enige voortvarendheid gehoor aan te geven. Geurt Roos zal donderdag in de rechtszaal moeten verschijnen.

Donderdag 9:30 gaat het proces verder.

Bondtehond

Aangepast zoeken